Elektriciteit

Tijdens onze zoektocht naar een huis, was verouderde elektriciteit vaak een issue. Mensen rondom ons bleven vertellen dat het écht veel werk was wanneer de elektriciteit vernieuwd zou moeten worden. We zouden ons eraan mispakken.

Zelf hadden we niet echt een idee wat ‘verouderde elektriciteit’ zou inhouden. We besloten ook met volle goesting te bieden op een huis met verouderde elektriciteit en dachten ook wel echt ‘oei’ toen de notaris naar ons wees en riep ‘verkocht’. Nadien bleek dat je bij de elektriciteit drie scenario’s had:

  1. Perfect in orde (synoniem voor ‘praise yourself lucky’).
  2. Half in orde (synoniem voor ‘met wat kleine aanpassingen ben je ervan af’).
  3. Helemaal te vervangen (synoniem voor ‘prepare yourself voor giga-veel breekwerk en meer kosten’).

Uiteraard behoorden wij tot categorie 3.

Ik hoorde van veel individuen dat ze de elektriciteit zelf hadden gelegd. Waar we in het begin elkaar voor gek verklaarden om daar nog maar aan te dénken, kwamen we daar snel op terug toen we bedragen hoorden als ‘6000 euro voor nieuwe elektriciteit’.

0
Over thuis, koeien en kersen

’s Nachts hadden we de voordeur achter ons dicht getrokken. De autosleutels maakten lawaai in haar handen en de geur van zwoele zomernacht drong mijn neus binnen. We lieten de weilanden achter ons en reden om 4 uur ’s nachts richting de luchthaven van Schiphol voor onze vlucht. Terwijl de zon opkwam, dacht ik aan onze aardbeien.

We gingen ze missen, de eerste verkleuringen van wit naar rood. Ik had ernaar uitgekeken om ze te plukken, maar was glad vergeten dat de oogst zou samenvallen met onze reis naar de VS. De vreugde was groot toen we terugkwamen en meteen stopten aan het huis. Rode aardbeien. Lonkend, schreeuwend, smekend om geplukt te worden. We mochten stiekem onze beide handjes kussen dat de vorige bewoners zo’n groene vingers hadden en eigenlijk al het werk voor ons al hadden gedaan. Onze 21a barst van rijen vol sappige aardbeien, 35 kerselaren, een eeuwenoude walnotenboom, veel te veel frambozenstruiken, braambessen en perziken.

7
Ramendag

Toen we het huis pas kochten, waren we blij dat het merendeel van de ramen al vervangen werd. Gezien we een beetje een zwak hebben voor Amerikaanse huizen, vonden we het zelfs leuk dat de ramen vakjes hadden. We zouden zelf nooit gekozen hebben voor zulke ramen, maar we besloten dat we gewoon mee deinden in de flow van het huis. En die ramen-met-vakjes, die matchen het huis. Case closed.

We hoorden iedereen ook altijd zeggen tijdens onze huizenzoektocht; “pvc-ramen? Die gaat ge toch niet houden zeker!” of “de ramen moet ge vernieuwen, da’s al goed, dan kunt ge voor hout of aluminium kiezen” en “pvc, zò goedkoop. Als ge een huis koopt met enkel glas, is het een pluspunt dat ge andere, modernere ramen kunt steken dan pvc”.

Bleek nu toch wel niet dat uitgerekend ons huis witte, nieuwe pvc-ramen had, zeker? Met ouderwetse (maar karaktervolle) vakjes dan nog! Ondanks de goede en dure raad van anderen, hebben we eigenlijk niet echt lang getwijfeld: we hadden geen 30.000 euro op overschot om prima nieuwe ramen te vervangen naar hout of aluminium. Janice haar hart brak wel een beetje toen we tot het besef kwamen dat we de ramen die nog moesten vervangen worden best ook in wit pvc zouden vervangen voor uniformiteit in de woning. Haar droom van zwarte aluminium-ramen werd on hold gezet en we legden ons neer bij de goedkopere optie. 

2
Elektriciteitsperikelen

Een dikke maand lag ons huis er verlaten bij. De week net voor we vertrokken zijn we in ons achterhoofd bewust vergeten. We waren ontredderde kuikens. Lopend, rijdend, bellend van hier naar ginder, elke minuut van de dag. De laatste regelingen nog in orde brengen. Zorgen dat het meeste afval in de containers werd gegooid zodat ze weg konden en we stil fluisterden; ‘bye Felicia’. Bezig zijn met de elektriciteit. Beseffen dat het aartsmoeilijk is om lichtknoppen en stopcontacten te plaatsen in huis (hoe moeten wij nu al weten wat praktisch is en waar we exact licht willen?). We vloekten ook veel op pluggen die niet in ons plafond willen. Andere pluggen gaan halen. Beseffen dat die ook niet in het plafond willen. Veel zuchten. En daarnaast nog verhuizen. Zorgen dat het boeltje in Hasselt leeg gehaald werd en in orde was. Onze valies voor drie weken hebben we zondagavond nog snel bij elkaar gepakt, gepaard gaande met luidkeels geeuwen.

0
Isolatie & blauwe dorpels

Toen we een tweetal weken geleden besloten om plots de veranda mee in het huis te integreren voor ‘een prijsje’, waren we blij. Blij en een beetje afwachtend. Mijn autistische zelve is, zoals eerder vermeld, een ramp met impulsieve, grote beslissingen. Laat dat nu net iets zijn waar er dezer dagen in veelvoud wat van aan is.

Bij dat aannemersprijsje van de veranda bleef het niet. We hadden dat kunnen weten, maar zagen toen eventjes enkel een groter huis met grote ramen en een mooi zicht op de tuin. Wat was ons onwetende zieltje vergeten, vraagt u? Extra metselwerk. Bakstenen dus. 57 cent per exemplaar. Alstublieft. En een pak meer raam. (En dus een pak meer centen). En ook: isolatie. Véél isolatie. In de grond begod. Ik bedoel; daar heb ik visueel niet eens geniet van. Die mooie xps-isolatie dient in mijn achterhoofd momenteel alleen maar om onze bankrekening nog meer te plunderen. En ytong-stenen. Voor bovenop onze isolatie. Zodat je’m zéker niet meer ziet. Roofing. Extra cement. En dus extra zand. Geen twee zakken, he. Maar begod zes-tien. Als het inmiddels al niet meer zakken werden. Ons huis vréét cement en zand. Ik zweer het.

0
Negen dagen

Ergens tussen het kopen van de isolatie en het leggen van de dorpels, kwam stilaan het besef dat de uitgaven van 400 euro en 300 euro en 600 euro en 289 euro in Bouwpunt serieus aan het oplopen waren.

Bij het eerste factuur van 400 euro, slikten we en werden er vervloekingen doorheen ons hoofd gekatapulteerd: zo-veel-geld. Na ons vijfde bezoekje waren we al veel meer kwijt dan 1000 euro en kon het ons nog maar weinig schelen. Tot er een moment van stilte kwam in ons hoofd.

Toen ik op een werkdag enkele meetings aan onze keukentafel in Hasselt had geregeld, rekende ik tussendoor uit hoeveel huur we tot augustus nog moesten betalen in het huis waar we nog amper zaten. Hoeveel kosten voor Telenet we nog moesten betalen terwijl we eigenlijk geen tijd meer hadden om TV te kijken. Toen bedacht ik hoe stom we waren geweest enkele maanden geleden. Het was een donkere dag in januari en ik was voor de duizendste keer vluchten aan het opzoeken.

0
Licht

Het is 9 mei. Dat zal betekenen dat we bijna een maand aan het renoveren zijn. Toen de Slovaken de muren eruit klopten en de poutrels aan het steken waren, dacht ik: “hupla! Elektriciteit en sanitair erin en KLAAR!”

Zo werkt dat dus precies niet. Plots moet je niet enkel nadenken over waar in huis je stopcontacten en schakelaars wil. Tot daartoe. Daar waren we nog helemaal mee. Maar plots vraagt de elektriciteitsman ook of je fan zal zijn van domotica, of je spots wil, wààr je die spots wil, hoéveel spots je wil en wat voor verlichting je eigenlijk wil plaatsen.

Stop. Halt.

Tot nogtoe huppelden wij (= de leken. De sukkeltjes. De bedorven verwende nesten) altijd vrolijk van huis tot huis. We woonden thuis, gingen daarna op kot, en verwisselden eens van kot. En even later verwisselden we nog eens. En nog eens. En misschien nog eens (Ik verhuis nogal graag.) Uiteindelijk zijn we beland in een mooi, wit, zonovergoten, klein huis. En overal kwam je binnen en duwde je op het knopje. Niet nadenken. Check. Licht. Klààr!

0
Open ruimtes

Ons eerste grote idee in het huis was; ‘open ruimtes’. Zelfs nog voor we het nut van poutrels konden verklaren of van hun bestaan afwisten. Toen we met ons twee in het huis stonden, gingen we al denkbeeldige muurtjes uitkloppen en was ons huis één groot, open vlak.

Tot we ontdekten dat daar aardig wat poutrels voor nodig waren. En dus aardig wat budget. Een maand later lachen we eens goed met onze onwetendheid van toen. Wat veel mensen ons toen ook vertelden, was dat we nooit zo snel een aannemer zouden vinden. Wanneer we zeiden dat onze deadline ‘1 augustus‘ was, waren er bijzonder veel mensen die in hun vuistje lachten en met spot zeiden: “vergeet dat maar, op een aannemer moet je minstens vier maanden wachten”. 

Misschien is dat echt zo. Misschien hadden wij gewoon veel geluk. Twee weken geleden stonden er vijf aannemers in ons huis, en kozen we onze favoriet er met heel veel zorg uit. Nu, twee weken later, stond hij voor onze deur op een mooie woensdagochtend. Met vier Slovaken in zijn kielzog en met heel veel goesting om eraan te beginnen. Op voorhand hadden we ons al mentaal schrap gezet. Zelf een container besteld (budgettair denken) en die zou geleverd worden om 10.30 uur. De aannemer legde met veel gebaren en een fantastisch Engels accentje uit wat er moest gebeuren. We zien hem graag, die aannemer van ons. Hij gniffelt leuk en geen uitdaging is hem te veel. Hij kan ook lachen met de grapjes van Janice. Dat vinden we een grote meevaller.

1
Afbraak.

Mijn lief zaagt al zo’n drie jaar aan mijn hoofd. Soms luid en duidelijk. Soms subtiel fluisterend in een hoekje. Dat ze toch eens graag wilde zien hoe ze met een bros stond. Telkens zo’n gesprek in de verte naderde, zag ik al waanbeelden van een bijna-kale-butch met een geruit hemdje en een bungelende sigaret in de mondhoek. En dus ook een kaalgeschoren hoofd.

Maar ik moet ook eerlijk zijn. Mijn lief rookt niet en ze heeft eigenlijk ook geen geruite hemdjes. Niet dat het dat was wat mij over de streep trok. Toegegeven: niets heeft mij over de streep getrokken. Niet haar pruillip toen ze praktisch met tondeuse voor mijn neus stond en ook niet haar eeuwige ‘zou mij dat niet staan? Ik denk dat ik een mooie schedel heb!’. Zelfs niet haar ‘mijn haar is ongezond, het zou eraf moeten’ of ‘ik heb nu geen geld met die renovatie om mijn haar weer grijs te laten kleuren, de tondeuse moet er echt in. Hebt ge mijn uitgroei al gezien!’

Mijn standpunt bleef door de voorbije maanden en weken hetzelfde: ik zou er geen fan van zijn, en ik zou er niet verantwoordelijk voor zijn. Maar na een tijdje nam ik er onbewust vrede mee. 

0
Grenzen

Soms sta ik in het huis en dan denk ik; “Shit. Kunnen we het plan niet nog wat veranderen en het zo of zo doen?” waarna ik mezelf eigenlijk al meteen weer vervloek want dan ben ik de keuken in mijn hoofd weer van plaats aan het veranderen. En truth be told: dat gaat dat niet meer. De poutrels zijn besteld en de aannemer klopt volgende week aan onze deur. Gedaan met twijfelen, right? (think again). 

Meestal doen die wilde ideeën zich enkel voor als ik alleen aan het werken ben in het huis. Als er niemand is om mijn gedachten af te leiden en als de radio stil op de achtergrond speelt terwijl ik mijn agressie botvier op linoleumvloeren of wat extra hout dat van de muren afgebroken moet worden. Dan begin ik te denken dat er toch geen plafond boven de keuken moet komen? Dan kunnen we ineens zo in de zolder kijken. Supermooi! Alleen iets minder praktisch misschien.

Grenzen stellen.

Die grenzen vervagen soms. Niet alleen door mijn eigen ideeën, maar dus ook door anderen.

0
1 2 3 4
Translate »